Kwetsbaarheid en veerkracht

Wetenschappelijk Raad voor het Regeringsbeleid

“De COVID-19 pandemie heeft zeer grote maatschappelijke, politieke en economische gevolgen die we nog lang zullen voelen. De kans is groot dat deze crisis leidt tot veranderingen in hoe we de wereld begrijpen en welke keuzes we als samenleving maken.

De Nederlandse samenleving staat dus voor de uitdaging om te behouden wat goed ging, lessen te trekken waar verbetering mogelijk is en in te spelen op de veranderingen die op ons afkomen. Met deze notitie beoogt de WRR de regering en het parlement te ondersteunen bij het aanpakken van de gevolgen van de coronacrisis voor Nederland.”

Civitas Naturalis: “Een gedegen en doorwrochte reflectie op het geheel van de samenleving en haar processen. Begrippen als kwetsbaarheid en resilience zijn goed uitgewerkt. De inzichten dragen bij aan holistisch denken en handelen.”

Kwetsbaarheden blootgelegd
“Hoewel er in ons land veel goed is gegaan tijdens deze crisis, heeft de pandemie ook een aantal belangrijke kwetsbaarheden blootgelegd. We signaleren onder andere een opeenstapeling van economische en gezondheidsrisico’s bij mensen die al in een lastige situatie zitten, het beperkte schokabsorberende vermogen van het bedrijfsleven, de fragiliteit van globalisering en moeizame internationale samenwerking.

Een cruciale opdracht
Op basis van onze publicaties van de afgelopen jaren presenteren wij beleidsuitgangspunten om deze kwetsbaarheden te verminderen. Het gaat hierbij onder meer om versterking van de kennis en capaciteit binnen de overheid, aanpassingen in de flexibele arbeidsmarkt en de sociale zekerheid, een betere maatschappelijke inbedding van het bedrijfsleven, het in goede banen leiden van de versnelde digitalisering en meer schokbestendigheid tegen internationale verstoringen.

Voor de overheid ligt hier een cruciale opdracht: zij moet de veerkracht van de samenleving versterken zodat we kunnen herstellen van de crisis en voorbereid zijn op de veranderingen die nog gaan komen. Maar de overheid kan dit niet alleen: hier ligt ook een collectieve verantwoordelijkheid van burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Bovendien kan Nederland dit niet alleen: internationale afstemming en solidariteit zijn onmisbaar. Dit is geen vanzelfsprekendheid, want het vergt de bereidheid van mensen, ondernemingen, organisaties en landen om op hun eigen belangen in te leveren met het oog op het collectieve belang.”

Kwetsbaarheid en veerkracht (Nederlands)

Vulnerability and resilience (Engels)

 

Pijn en pracht

Civitas Naturalis: “Een open en zelfreflectieve aanpak van de overheid die perspectief biedt om systeemwereld en leefwereld dichter bij elkaar te brengen.”

Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat: “Twintig deelnemers aan een leiderschapsprogramma van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat voerden in 2020 verdiepende gesprekken met acht betrokkenen bij het laatste Ruimte voor de Rivier project Veessen-Wapenveld.

“De ervaringen van Albert, Robbert, Annet, Jean, Agnes, Jos, Josan en Thijs brengen nieuwe inzichten over wat er allemaal speelt in een groot programma als Ruimte voor de Rivier.” (p.48)

In dit persoonlijk leiderschapsprogramma, de Community of Practice voor leidinggevenden, bekwamen leidinggevenden zich in aandachtig luisteren, het stellen van de goede vragen en het doorgronden van persoonlijke verhalen aan de hand van een methodiek uit de praktische filosofie: het kralenspel.

“De acht verhalen roepen een programma­werkelijkheid op waar de schrijvers van het officiële evaluatierapport geen oog voor hadden. Begrijpelijk, omdat zij het programma langs een andere, objectieve maatlat legden die speciaal daarvoor in de wet is vastgelegd.” (p.49)

Wat zouden ze horen en zien als ze deze kwaliteiten inzetten om het verhaal rondom de noordtak van de IJssel, als onderdeel van Ruimte voor de Rivier, op een andere manier boven water te halen? Wat zouden mensen dan anders vertellen dan er staat geschreven in de gebruikelijke projectevaluaties of de tientallen journalistieke reportages die over dit ingrijpende programma de afgelopen decennia zijn verschenen?

En zo ging men in gesprek met bewoners en professionals die bij de aanleg van de hoogwatergeul waren betrokken. De leidinggevenden hebben de persoonlijke verhalen en de gegroeide inzichten in woorden én in beelden vertaald, waar ze professioneel bij werden begeleid. Dit is het resultaat: Pijn en pracht, ruimte voor de rivier van verhalen.”

Rapport Pijn en pracht 12-05-2021

Staat van de rijksverantwoording 2020

Jack Kruf

Het rapport van de Algemene Rekenkamer Staat van de rijksverantwoording 2020: Testen, controleren en waarderen is vandaag gepubliceerd. Stichting Civitas Naturalis markeert dit rapport als relevant, omdat het inzicht geeft in de wijze waarop meer holistisch en geïntegreerd kan en moet worden bestuurd. De Algemene Rekenkamer legt de kwetsbaarheden en onvolkomenheden van het huidige systeem bloot.

De besturing en vooral het ex ante uitvoeren van gedegen analyses inzake de sturing en de risico’s op de doelen en effecten blijft een zorgenkind. Ook het zich niet houden aan de spelregels door de overheid zelve is treffend. Er lijkt zich een achterliggend probleem te openbaren inzake het organiserend vermogen van die overheid. Patronen worden zichtbaar. Er staan veel, te veel, rode kruisjes in de tabellen als het om performance van de overheid gaat. Het aantal onvolkomenheden neemt weer toe.

Het rapport onderstreept de noodzaak voor de afgelopen maanden al zoveel besproken cultuuromslag. Uitvoering is een dingetje. Een verandering van de eerste orde is gewenst wil het gezag van en het vertrouwen van de burger in de overheid niet verder onder druk komen of afglijden. Onze basics zijn namelijk niet op orde. Enkele passages uit het voorwoord:

“Hoewel het onze rol is te onderzoeken waar problemen zijn, is het gepast ook te benoemen dat veel goed ging. En om bescheiden toe te voegen dat het makkelijker is achteraf te oordelen dan snel, adequaat en zorgvuldig de juiste antwoorden te geven. In korte tijd wisten ministeries en uitvoeringsorganisaties steunmaatregelen – zoals steun aan ondernemingen, en de NOW-regeling – uit te rollen. Ook is het een compliment waard dat ICT-afdelingen binnen het Rijk de systemen in de lucht hielden toen circa 175.000 rijksambtenaren van de ene op de andere dag thuis moesten gaan werken.

Figuur 9 (pagina 36): Totaal aantal onvolkomenheden afgelopen 7 jaar.

Maar we mogen ook niet verbloemen dat de coronacrisis structurele zwakheden aan het licht bracht. Zaken die al kwetsbaar waren, komen aan de oppervlakte te liggen in tijden van crisis; die hebben de spreekwoordelijke test dus niet goed doorstaan. Zo bleek dat het financieel beheer bij veel departementen kwetsbaar was en specifiek bij het Ministerie van VWS ernstig tekortschoot. Maar dat probleem ontstond niet opeens in 2020. In de afgelopen 20 jaar constateerden we al 17 keer een onvolkomenheid bij het subsidiebeheer van het Ministerie van VWS. Het lag dus niet alleen aan de crisis, want er wás al wat aan de hand.

In een vitale democratie is het van belang dat ook in uitzonderlijke omstandigheden het democratische proces overeind blijft en alle partijen zich aan de democratische spelregels houden. Burgers en bedrijven in Nederland moeten erop kunnen vertrouwen dat ook dan politieke besluiten transparant en weloverwogen worden genomen, en dat over deze besluiten politieke verantwoording en controle plaats blijven vinden. Allemaal moeten we onze toegewezen rol naar letter en geest blijven invullen. Dat geldt niet alleen voor regering en parlement, maar ook voor de rechterlijke macht, de Nationale ombudsman en de Algemene Rekenkamer.

Voor ons betekent dit dat wij vanuit onze grondwettelijke taak onderzoek doen naar de ontvangsten en uitgaven van het Rijk. Het is onze rol om het parlement en de samenleving te voorzien van onafhankelijke oordelen over het presteren en functioneren van de rijksoverheid.

Vorig jaar keken we vooruit naar 2020 en wezen we al op deze plek naar de gevolgen van de coronacrisis. Nu, een jaar later, onderzoeken we de feiten en beoordelen die. We zijn gevoelig voor en aanspreekbaar op de veranderde context. Dat is ook terug te vinden in onze conclusies en aanbevelingen: we willen feitelijk én fair zijn. Ze leiden tot een kritische kanttekening bij de verklaring van goedkeuring bij de rijksrekening.

… in het afgelopen jaar zagen we dat het parlement meerdere keren niet in staat werd gesteld zich vooraf uit te spreken over voorgenomen uitgaven van het kabinet. Terwijl dat naar letter en geest van de wet wel moet – altijd. Als iedereen rolvast is, vormt dat de basis van vertrouwen voor een goed functione rende democratie. Het kabinet verantwoordt zich aan de volksvertegenwoordiging. Wij controleren en overhandigen weliswaar een verklaring van goedkeuring bij de rijksrekening, maar daarbij hoort dus die kritische kanttekening.”

Naar website Verantwoordingsonderzoek Algemene Rekenkamer.

Transdisciplinarity: Synthesis towards a modular approach

Ortwin Renn

Abstract (quote)

“The need to cope with future challenges posed by major transformations such as digitalization and sustainable development has led to several approaches to establish new concepts and methods of science and research. Scientific studies are supposed to provide background knowledge, to facilitate the desired transformations towards a sustainable future and to help resolving complex problems that accompany societies in transition. Concepts such as transformative, transdisciplinary or co-creative approaches elucidate the direction in which scientific research strives for its new role(s).

Based on the discussion of these concepts and their different roots, the article proposes a modular concept for a transdisciplinary scientific approach combining and integrating curiosity driven research with goal oriented (advocacy) knowledge generation and catalytic, process-oriented expertise. This integration promises to address some of the deficits of the existing concepts and is particularly suitable for future studies comprising orientation, strategies and reflection for designing policies for transformations.”

Highlights (quote)

  • A thorough review of concepts and approaches for interdisciplinary research with an emphasis on European traditions.
  • An analysis of the merits, problems and shortcomings of these approaches.
  • A new approach based on the combination of curiosity-driven, goal-oriented and catalytic research concepts.
  • A brief case study illustrating the new approach.

Summary (quote)

“Policymaking for dealing with wicked and complex problems requires a robust knowledge base for the assessment of the likely consequences of each policy option and is based on balancing conflicting goals considering the diversity of interests, preferences and values of society. This requires a better integration of scientific expertise for informing policymaking, so that the relevant knowledge base can be used in the preparation of evidence-informed, socially acceptable and morally substantiated decisions.

The best way to inform policymaking is by implementing transdisciplinary research methods. Transdisciplinarity becomes manifest in the systematic integration of classic curiosity-driven research (disciplinary and interdisciplinary), goal-oriented strategic research (impact assessment of different options); and process-related catalytic research (deliberative integration of knowledge, values, interests, and preferences). The defining characteristics of transdisciplinarity, namely, the systematic perspective, the orientation on complex real-world problems and the inclusion of non-scientific knowledge, are inherent to this kind of research process (Despres et al., 2004: 472; Jahn et al., 2012: 8; Pohl, 2011: 619; Thompson Klein, 2013: 190; Zscheischler & Rogga, 2015: 29).

To meet these characteristics requires an organic synthesis of the three research concepts described in this article. The curiosity-driven concept brings in the systematic insights to make policy options effective, the goal-oriented concept develops strategies to achieve the desired objectives or to constructively address problems that need public attention, and the catalytic concept delivers the institutional architecture and communicative design necessary to successfully conduct a deliberative discourse between and among the various knowledge carriers and users of knowledge.

The synthesis of these three concepts into an integrative approach of building bridges between knowledge and collective action corresponds to the transdisciplinary mission of science. Transdisciplinary approaches integrate process-related, factual, and strategy-related knowledge and ideally lead to a problem resolution that is factually convincing, argumentatively consistent, morally substantiated, and, in principle, acceptable to all.”

Bibliography

Renn, O.(2021) Transdisciplinarity: Synthesis towards a modular approach. Futures, Volume 130, 102744. https://doi.org/10.1016/j.futures.2021.102744

Zooming out, getting the picture

Kruf, J.P. (2019). Zooming out, getting the picture. Stonehenge Landscape.

Jack Kruf

One of the crucial skills of public leaders and managers is to be able to get the bigger picture of society, and from there to connect things and to act accordingly. Mayors and city managers among others need to keep the main focus on the bigger picture, while aldermen and directors have their specific discipline, craftsmanship and portfolio. Overview and content go hand in hand, both complementary pieces of the puzzle of public governance. Zooming out is a form of art, necessary to understand the city as an ecosystem. For this art, Alexander von Humboldt and Roelof A.A. Oldeman have been of great inspiration. The ability of zooming out is the essential skill for true knowledge, they say. Two quotes.

Naturalist, explorer and geographer Alexander von Humboldt (1856) concluded that zooming out leads to more overview and offers the possibility to interconnect things (and even sciences). Von Humboldt gave guidance on the relation between ecosystems and abiotic factors. At the beginning of the 19th century, he came to this fascinating conclusion, actually revolutionary for that time.

“Physical geography…, elevated to a higher point of view, … embraces the sphere of organic life…”. – Humboldt (1856).

He saw the connection between the life in the ecosystems and the constraints of soil, water, energy and climate. Nobody before him had done this. Also in cities these connections between in fact habitats and communities are all over the place. So we can learn here from the discoveries of Von Humboldt.

“The principle impulse by which I was directed was the earnest endeavour to comprehend the phenomena of physical objects in their general connection, and to represent nature as one great whole, moved and animated by internal forces. Without an earnest striving to attain to a knowledge of special branches of study, all attempts to give a grand and general view of the universe would be nothing more than vain illusion.” – Von Humboldt (1856)

Connection between sciences seems to be necessary to find the real answers. It is about the ability of sharpening one’s view from different angles and principles. Oldeman et al. (1990) underlined, in cross-border studies of forests, the need for such an holistic approach in diagnosis. He always encouraged, within the fragmented landscape of sciences, the necessity to cross the by individual universities so heavily guarded boundaries. For most of the city challenges, the process of policy making and service delivery needs to be based on a cross-border view, to come to well-founded decisions.

“The group that was responsible for the forest components theme decided to accelerate the process by starting an ambitious project, the writing of a common book. There is no way in which cooperation can be stimulated better, but this way has to be learned and practised too. The result is now before you. The book is not yet ideal in our opinion because it still contains too many traces of the old University tradition of researchers working, each apart, on such narrow subjects as they know best.

This way of executing the research of course is necessary to reach sufficient depth. But it carries the risk of loss of vision of the whole system, parts of which are studied. Still a little bit unbalanced, but on its way to improve along lines that are more clear now, this presentation in a pluridisciplinary way is a first step, however, to overcome both the limits of individual researchers and the shallowness of groups. We trust, however, that it is exactly this wrestling with integration of broad views versus the deepening of restricted views that may be as interesting to the reader as the facts, figures, conclusions and hypotheses on forests and their components which are presented in the following pages.” – Oldeman et al. (1990)

Von Humboldt and Oldeman are inspiring in this cross-scientific and pluridisciplinary discovery. Zooming out is crucial to get the picture.

Bibliography
Humboldt, Alexander von (1856). Kosmos: A Sketch of a Physical Description of the Universe, Volume 1. New York: Harper & Brothers Publishers. 406 pp.

Oldeman, R.A.A., P. Schmidt and E.J.M. Arnolds (1990). Forest components. Wageningen: Aricultural University, 111 pp.

12 Principes van Goede Besturing

Lorenzetti, A. (1339). The Effects of Good Government. Siena, Sala dei Nove.

De Raad van Europa heeft 12 principes voor goede besturing vastgesteld. Zij dienen als uitgangspunten, randvoorwaarden en richtlijnen bij het effectief handelen in publieke zaken. Het is een nobele set en een aansporing voor elk bestuur en elke organisatie. Het is spannend om te weten waar mechanismen van bijsturing zitten en hoe deze werken, indien niet voldaan wordt aan één of meer van de principes (Engels):

  1. Participation, Representation, Fair Conduct of Elections.
  2. Responsiveness.
  3. Efficiency and Effectiveness.
  4. Openness and Transparency.
  5. Rule of Law.
  6. Ethical Conduct.
  7. Competence and Capacity.
  8. Innovation and Openness to Change.
  9. Sustainability and Long-term Orientation.
  10. Sound Financial Management.
  11. Human Rights, Cultural Diversity and Social Cohesion.
  12. Accountability.

De overlevering leert ons dat hiervoor een hoog organiserend vermogen nodig is van de bestuurders en managers die de principes geacht worden te hanteren. Siena werd in de veertiende eeuw – toen een staat, geen stad – erg goed geleid. Persoonlijke kwaliteiten dus. Anders gezegd: Siena kwam tot bloei omdat er goede bestuurders zaten.

Wat was hun geheim, wat hun competenties? Een addendum bij deze principes inzake de noodzakelijke competenties is eigenlijk gewenst. Wij weten: zonder goede mensen, geen succes.